Assen: essenbomen, oude akten en een naam die zich niet laat vastpinnen
De bekendste verklaring brengt Assen in verband met essenbomen. Oude naamvormen en andere theorieën maken duidelijk waarom dat een waarschijnlijkheid blijft.
Liever luisteren?
Luister naar de vertelling, of lees hieronder verder.
Assen zou naar essenbomen kunnen zijn genoemd. Die uitleg wordt zowel door de gemeente als door de Asser Historische Vereniging als een waarschijnlijke mogelijkheid genoemd. Toch hoort er meteen een belangrijke toevoeging bij: de betekenis staat niet vast. De korte, vertrouwde naam bevat een ouder taalraadsel dat zich niet eenvoudig met één modern woord laat oplossen.
Bij essen denken veel mensen in Drenthe ook aan de akkers bij een dorp. Dat is een andere betekenis van es dan de boomsoort. De historische vereniging maakt dat onderscheid nadrukkelijk: in de verklaring die zij het waarschijnlijkst noemt, gaat het om bomen. Wie zonder meer schrijft dat Assen naar zijn oude akkers is genoemd, verandert dus een mogelijke uitleg in een zekerheid die de bron niet geeft.
Andere voorstellen zoeken het bij een oude persoonsnaam, bijvoorbeeld Hasse, of bij woorden voor pacht en loon. Bij dat laatste past de gedachte aan grond waarvoor aan een kerkelijke eigenaar moest worden betaald. Naamkundige D.P. Blok wees daarnaast op schrijfwijzen met medeklinkers midden in de naam. Dat leidde tot een andere mogelijkheid, verbonden met een oud woord dat met bijl en afscheiden samenhangt. Deze theorieën concurreren met elkaar; ze zijn niet allemaal tegelijk de bewezen betekenis.
Ook bij oude jaartallen is voorzichtigheid nodig. De Encyclopedie Drenthe vermeldt vormen als Hassen, Ascen en Azcen, met verschillende dertiende-eeuwse dateringen. Zulke schrijfwijzen zijn waardevol, maar een middeleeuwse schrijver volgde geen moderne spellingslijst. Het verschil tussen letters kan iets over uitspraak of herkomst zeggen, terwijl één losse vorm zelden het hele raadsel oplost. In dit verhaal wordt daarom geen enkel jaartal als onbetwist begin van de naam aangewezen.
De plaats zelf kreeg een belangrijk nieuw zwaartepunt door het klooster Mariënkamp. Rond 1260 vestigden cisterciënzer nonnen zich op de plek waar nu het Drents Museum ligt. De voorhof van het klooster groeide uit tot de Brink. Het is een helder voorbeeld van een nederzetting waarvan we de ontwikkeling beter kunnen volgen dan het allereerste ontstaan van haar naam.
Na de opheffing van het klooster kregen de gebouwen bestuurlijke functies. Zo hielp het oude kloosterterrein Assen uitgroeien tot het centrum van het gewest. In het huidige museumcomplex zitten nog middeleeuwse muurdelen. Het gebouw is daardoor tastbaar bewijs van de plaatsgeschiedenis, maar levert geen beslissend bewijs voor essenbomen of een persoon Hasse.
Dat maakt Assen bijzonder geschikt om met andere ogen naar een plaatsnaam te kijken. Een plausibele betekenis is hier geen definitief vonnis. Essenbomen zijn een mogelijke naamgever, maar de oude spellingen laten ruimte voor debat. De hoofdstad bewaart daarmee naast zichtbare kloostermoppen ook iets onzichtbaars: een woord waarvan de oorspronkelijke aanleiding verloren kan zijn gegaan.