Ga naar de inhoud
Jouw Verhalenkaart

Uitleg & inspiratie

Jouw verhaal bewaren en delen op de kaart

Een oude winkel, je eerste werkplek, de straat waar je opgroeide. Jouw verhaal hoeft niet beroemd te zijn om het bewaren waard te zijn. Begin met één plek en één herinnering.

Wat is Jouw Verhalenkaart?

Jouw Verhalenkaart brengt historische verhalen en persoonlijke herinneringen samen op een kaart van Nederland. Je kunt lezen, luisteren en zelf een bijdrage insturen. Het uitgangspunt is eenvoudig: een verhaal hoort bij een plek. Wie die plek kent, krijgt er een nieuwe blik op; wie haar niet kent, heeft een concreet beginpunt.

Je hoeft geen complete levensgeschiedenis te schrijven. Een herinnering aan één middag, een gebouw dat verdwenen is of een ontmoeting die je is bijgebleven kan al een goed verhaal opleveren. Houd het onderwerp klein genoeg om duidelijk te kunnen vertellen wat er gebeurde.

Begin bij wat je nog voor je ziet

Schrijf eerst op welke plek je bedoelt, in welke periode het was en wat jij je daarvan herinnert. Wat hoorde of zag je? Waarom bleef juist dit moment hangen? Zulke concrete details helpen de lezer om met je mee te kijken. Vul geen details in waarvan je niet meer weet of ze kloppen.

Is het jaartal onzeker, schrijf dan bijvoorbeeld “ongeveer” of noem een periode. Maak ook onderscheid tussen iets wat je zelf hebt meegemaakt en iets wat iemand je later vertelde. Een eerlijke onzekerheid is beter dan een precies klinkende datum die je niet kunt onderbouwen.

Geef het verhaal een herkenbare titel en plek

Een titel als “De laatste schooldag aan de dorpsstraat” zegt meer dan alleen “Vroeger”. Noem een plaats of herkenbaar onderwerp wanneer dat past. Schrijf daarna een korte eerste alinea die uitlegt waar het verhaal over gaat. Je hoeft niet alle informatie al in de titel te stoppen.

Kies bij het toevoegen de locatie die bij het verhaal hoort. Een openbaar plein of de plaats van een vroeger gebouw is iets anders dan het huidige woonadres van iemand. Deel geen privé-adres alleen omdat dat het verhaal nauwkeuriger zou maken. Controleer je kaartpin voordat je de bijdrage instuurt.

Een foto mag iets toevoegen, maar hoeft niet

Gebruik een eigen foto of een afbeelding waarvoor je de benodigde rechten en toestemming hebt. Dat een foto op internet staat, betekent niet dat je haar zomaar opnieuw mag publiceren. Vermeld waar de afbeelding vandaan komt en wat erop te zien is.

Een sfeerillustratie kan een verhaal aankleden, maar is geen historische foto van de beschreven gebeurtenis. Op Jouw Verhalenkaart horen die verschillen duidelijk te blijven. Heb je geen geschikte foto, verzin dan geen bron en gebruik geen afbeelding waarvan je de herkomst niet kent.

Denk vóór publicatie aan andere mensen

Een openbare bijdrage kan worden gelezen, gedeeld en mogelijk gevonden via een zoekmachine. Laat telefoonnummers, e-mailadressen, medische details en andere gevoelige gegevens van anderen weg. Vraag passende toestemming wanneer je herkenbare personen, hun foto of hun persoonlijke verhaal gebruikt.

Voor organisaties is er een aparte omgeving om samen verhalen vast te leggen. De instellingen en toestemming die bij een bijdrage horen, blijven belangrijk. Een verhaal dat nog concept is of alleen via een afgeschermde route toegankelijk hoort te zijn, is niet bedoeld voor het openbare overzicht.

Lees terug en stuur je bijdrage in

Lees je tekst eenmaal hardop of laat iemand meekijken. Begrijpt een lezer die jou niet kent waar het verhaal zich afspeelt? Is duidelijk wat herinnering is en wat op een bron berust? Het hoeft niet literair perfect te zijn; helder en zorgvuldig is een goed begin.

Via “Deel jouw verhaal” ga je naar het bestaande formulier. Inloggen is daarvoor nodig. Een inzending wordt niet door deze uitlegpagina gepubliceerd: de bestaande controles en publicatievoorwaarden blijven gelden. Lees ook de richtlijnen en de privacyuitleg voordat je iets deelt.

Ga zelf verder

Deel jouw verhaal